Skip to main content

2017 juni examen

Dit examen was vroeger voor zowel CC als CB, CM & CP. Momenteel is dit vak verschillend voor deze 2 groepen. Mogelijks is dus niet elke vraag relevant

Vraag 1 (6 punten) Ionchromatografie: 2 chromatogrammen van zowel anionwisselaar en kationwisselaar.

a) waarom komt het ene anion voor het andere anion uit de kolom? waarom komt het ene kation na het andere uit de kolom?

b) het verband tussen de MF en SF bij anionwisselaar.

c) welke twee detecties zijn er, leg beide bondig uit (tekening)

d) formule resolutie geven en hoe je hier aankomt.


Vraag 2 Vergelijking tussen AAS en (moleculaire) spectroflourimetrie.

a) beide principes geven

b) Teken het (algemene) BLKSCHEMA voor elke techniek. Geef voor elke bouwsteen de algemene benaming van het onderdeel én één specifiek mogelijk type. Gebruik in het schema 2 kleuren: één kleur voor de gemeenschappelijke onderdelen (kleur: .........), een andere kleur (kleur:.......) voor de verschillende onderdelen.

c) lichtbron, golflengteselector, detector

d) toepassingen geven, algemeen en een concreet voorbeeld.

e) afwijking in de ijklijn geven in een grafiek, afwijking in één zin uitleggen, grafiek benoemen en afwijking aanduiden.


Vraag 3

a) Leg de werking van de H+ gevoelige elektrode uit (geef hierbij een tekening ter ondersteuning van je antwoord)

b) Wat is een "gecombineerde" H+ gevoelige elektrode? Leg uit in woorden en schets ook dit type elektrode (met aanduiding van de verschillende onderdelen).


Vraag 4 (4 punten)

a) oef op concentratie en absorbantie

b) molaire conductometrie, een synoniem geven. Een tabel was gegeven hiervan, moest de juiste eenheid invullen.

c) 4 grafieken gegeven. Grafiek aanduiden die voor AgNO3 en LiCl was.